Ga jij Psychologie studeren aan de Universiteit van Amsterdam? In deze blog nemen we je mee door de opleiding: hoe je binnenkomt, in welke taal je les krijgt, hoe je week eruitziet en waar je op moet letten in je eerste jaar.
Amsterdam is de grootste en drukste studentenstad van Nederland, en de UvA is een van de best aangeschreven psychologieopleidingen ter wereld. Maar er zijn een paar dingen die je beter vooraf kunt weten dan in september. Lees snel verder.
Psychologie aan de UvA
De UvA staat bekend om de sterke wetenschappelijke insteek. Je leert niet alleen wat de theorieën zijn, maar vooral hoe je die kritisch beoordeelt: onderscheid maken tussen onderbouwde feiten, meningen en hardnekkige misconcepties. Er is veel aandacht voor onderzoeksmethoden en statistiek, zodat je gedrag ook echt kunt meten en analyseren.
Het eerste jaar bestaat uit een inhoudelijk deel en een onderzoeksdeel. Aan de inhoudelijke kant maak je kennis met alle deelgebieden:
- Cognitieve psychologie en de werking van het brein
- Ontwikkelingspsychologie
- Sociale psychologie
- Arbeids- en organisatiepsychologie
- Klinische psychologie
- Neuropsychologie
- Behavioural data science
Aan de onderzoekskant train je je wetenschappelijke en schrijfvaardigheden in vakken als Onderzoeksmethoden en Statistiek en de practicumgroepen. Ook doe je mee aan Research Participation, waarbij je zelf proefpersoon bent bij onderzoek in het lab. Aan het einde van je eerste jaar schrijf je een eerstejaarsscriptie: een literatuurstudie over een onderwerp dat je zelf kiest.
Vanaf de tweede helft van jaar 2 kies je een specialisatie uit zeven richtingen, en in jaar 3 kun je er zelfs een tweede bij doen. Twijfel je nog? Dat hoeft niet alleen. Docenten en studieadviseurs helpen je die keuze te maken, en zijn er ook als je merkt dat je een ander tempo nodig hebt.
Numerus fixus: zo kom je binnen
Psychologie aan de UvA heeft een numerus fixus met selectie. Wat je moet weten:
- Er zijn in totaal 600 plaatsen.
- Je meldt je aan via Studielink tussen 1 oktober en 15 januari. Die deadline ligt een stuk eerder dan de 1 mei die geldt voor opleidingen zonder fixus, en er wordt niet van afgeweken.
- Bij je aanmelding kies je een taalvariant. Er zijn 270 plekken in de Nederlandstalige werkgroepen en 330 in de Engelstalige.
- De afgelopen jaren was ruwweg een derde van de aanmelders Nederlandstalig en twee derde internationaal.
In welke taal krijg je eigenlijk les?
Hier gaat het vaak mis in wat mensen erover vertellen, dus even precies. Aan de UvA zijn de hoorcolleges, het studiemateriaal én de tentamens voor iedereen in het Engels, welke variant je ook kiest. De taalkeuze geldt alleen voor je werkgroepen en practica.
Kies je de Nederlandstalige bachelor, dan volg je dus gewoon Engelstalige colleges, lees je Engelstalige literatuur en maak je Engelstalige tentamens, en zit je alleen in de kleine groepen in het Nederlands. Reken daar dus op, ook als je Engels prima is: die eerste weken kost het lezen simpelweg meer tijd.
Eén verschil dat de moeite waard is om te weten: de Nederlandstalige variant biedt een extra specialisatie die in het Engels niet bestaat, namelijk Klinische Neuropsychologie.
Hoe het jaar is opgebouwd
De UvA werkt met een 8-8-4-systeem. Elk semester bestaat uit twee blokken van acht weken en daarna een blok van vier weken, dus zes blokken per jaar.
In je eerste semester worden blok 1 en 2 samengevoegd tot één lange periode van zestien weken, waarin je twee grote vakken naast elkaar volgt: Introductory Psychology and Brain & Cognition en Research Methods & Statistics. Die lange aanloop geeft je de tijd om te wennen aan het universitaire tempo voordat het sneller gaat.
Vanaf blok 3 volg je meestal één vak tegelijk: ontwikkelingspsychologie in blok 3, arbeids-, organisatie- en sociale psychologie in blok 4, klinische psychologie en neuropsychologie in blok 5, en behavioural data science plus je eerstejaarsscriptie in blok 6.
Ongeveer elke vier weken is er een toets. Dat klinkt als veel, maar het werkt in je voordeel. Je hoeft nooit maandenlange stapels stof in één keer te reproduceren, je krijgt regelmatig te horen of je op schema ligt, en je kennis blijft beter hangen omdat je er steeds mee bezig bent.
Tip van Mindbooks: dit systeem beloont consistentie. Blijf wekelijks bij en het is heel goed te doen. Loop je achter, dan loopt dat snel op, want het volgende blok begint of je nu klaar bent of niet.
Een gemiddelde week
De UvA rekent voor psychologie met ongeveer twaalf uur onderwijs en dertig uur zelfstudie per week. Dat is dus een volle werkweek, en het grootste deel van die zelfstudie gaat op aan lezen.
- Hoorcolleges. Je zit in een grote zaal met soms honderden medestudenten, waar de docent in ongeveer twee uur de belangrijkste theorie behandelt. Je wordt geacht de literatuur vooraf te hebben gelezen, zodat de docent dieper op de lastige concepten kan ingaan. De colleges zijn verspreid over de week, dus je bent meestal zo'n vier dagen per week op de campus.
- Werkgroepen. Twee keer per week, twee uur per keer, in groepen van ongeveer vijftien studenten. Dit is de plek om te sparren met je docent en medestudenten, en waar de stof voor de meeste mensen pas echt gaat vallen.
- Practica en onderzoeksopdrachten. Hier pas je de theorie toe: statistische analyses uitvoeren, onderzoeksrapportages schrijven en je academische vaardigheden opbouwen. Zo leg je de basis om uiteindelijk zelfstandig onderzoek te doen.
De Roeterseilandcampus
De Roeterseilandcampus is het epicentrum van de sociale wetenschappen in Amsterdam. Het is een van de mooiste locaties van de UvA, met de Nieuwe Achtergracht die er dwars doorheen loopt en een mix van Amsterdamse geschiedenis en moderne architectuur. Tussen de gebouwen loopt de bekende glazen brug, waar je continu studenten ziet oversteken, hangen of last-minute leren.
Wat de campus leuk maakt is dat het niet alleen een studieplek is:
- Café Crea heeft een zonnig terras en is dé plek voor een drankje na college.
- Kriterion is een bioscoop die volledig door studenten wordt gerund en pal naast de campus ligt.
- De trappen aan het water van de Nieuwe Achtergracht zijn in de zomer ideaal om tussen colleges door neer te ploffen.
Moet er echt gestudeerd worden, dan is er keuze genoeg. Naast de universiteitsbibliotheek zijn er in elk gebouw studieplekken, met zowel volledig stille zones als plekken waar je gewoon kunt overleggen of aan een groepsopdracht kunt werken.
Houd er wel rekening mee dat niet alles op de campus past. Met jaarlagen van deze omvang worden sommige colleges en tentamens elders in de stad ingeroosterd, van theaters tot externe tentamenlocaties. Check dus altijd je rooster voordat je op de fiets stapt, want het scheelt nogal waar je moet zijn.
Tentamens en toetsing
Je kennis wordt op verschillende manieren getoetst:
- Tentamens met meerkeuzevragen, open vragen of allebei
- Onderzoeksverslagen
- Groepsopdrachten
- Presentaties
Een groot deel van de tentamens bestaat uit meerkeuzevragen, met aan het einde een aantal open vragen die dieper begrip en analytisch denken vragen. Bij de statistiekvakken werk je met programma's als JASP, en wordt ook getoetst of je een analyse kunt uitvoeren en interpreteren, niet alleen of je de formule kent.
Het bindend studieadvies (BSA)
Dit is het getal dat het vaakst verkeerd rondgaat, dus let op: aan de UvA moet je in je eerste inschrijfjaar minimaal 48 van de 60 studiepunten halen aan eerstejaarsvakken. Dat is strenger dan de 45 die de meeste Nederlandse universiteiten hanteren. Lees je ergens dat 45 genoeg is, dan gaat dat niet over Amsterdam.
Er is dus wel marge: je hoeft niet al je vakken in één keer te halen, zoals in Rotterdam. Haal je die 48 niet en is er geen sprake van bijzondere omstandigheden, dan krijg je een negatief bindend studieadvies en mag je niet verder met de opleiding.
Merk je dat het niet gaat lukken? Trek dan op tijd aan de bel bij je studieadviseur. Bij bijzondere omstandigheden, zoals ziekte of familieomstandigheden, kan daar rekening mee worden gehouden, maar alleen als de opleiding het op tijd weet. Wachten tot juni heeft geen zin.
Je staat er ondertussen niet alleen voor. Elke eerstejaars heeft een mentor: dat is de begeleider van je practicumgroep, die je twee keer per week ziet en bij wie je terecht kunt met vragen over je studie. Daarnaast zijn er buddy's die je wegwijs maken op de UvA.
Waarom je cijfers tóch tellen
Aan elk vak hangt een vast aantal studiepunten, en die krijg je zodra je het vak met een voldoende afsluit. Bij een 5,5 krijg je er evenveel als bij een 9.
Betekent dat dat een hoog cijfer niets waard is? Nee. Je gemiddelde gaat meetellen zodra je een minor of een master kiest. Bij selectieve masters wordt vaak naar je gemiddelde gekeken en soms geldt een minimum. Het loont dus om vanaf je eerste jaar een beetje op je cijfers te letten, zonder dat je van elke 7 wakker hoeft te liggen.
Studievereniging VSPA
Als psychologiestudent aan de UvA kun je lid worden van VSPA, de studievereniging voor studenten van de bachelor en master Psychologie.
VSPA organiseert het hele jaar door activiteiten die studiegerelateerd of gewoon gezellig zijn: gastlezingen van psychologen uit het werkveld, workshops over onderzoeksvaardigheden, carrière-evenementen, studiereizen, netwerkbijeenkomsten en borrels. Je krijgt er bovendien korting op studieboeken.
Voor veel eerstejaars is het de makkelijkste manier om snel mensen te leren kennen. Zeker in een stad als Amsterdam, waar je jaarlaag groot is en het studentenleven zich over de hele stad verspreidt, scheelt dat enorm.
Studentenverenigingen in Amsterdam
Een studentenvereniging is niet aan een opleiding of faculteit verbonden, dus je komt er studenten van allerlei studies tegen. Bekende voorbeelden in Amsterdam zijn ASC/AVSV en SSRA. Daarnaast bestaan er veel kleinere verenigingen rond specifieke interesses als cultuur, debat, duurzaamheid of internationale uitwisseling.
Bij de grotere verenigingen horen meestal een kennismakingstijd en vaste momenten in de week, zoals borrels en diners. Daar draait het vooral om het sociale deel van het studentenleven: commissies, feesten, sport en tradities. Je hoeft nergens lid van te worden, maar het kan je studententijd wel een stuk voller maken.
Studentenstad Amsterdam
Amsterdam is anders dan de kleinere studentensteden. Er is geen centraal studentenhart: het leven verspreidt zich over de stad. Studenten werken in cafés in plaats van in de bibliotheek, spreken af in het Vondelpark of het Oosterpark en gaan uit rond het Leidseplein en Rembrandtplein.
Het grote voordeel is dat je constant tussen mensen uit allerlei landen en met allerlei achtergronden zit. Het nadeel is dat een stad van deze omvang je er niet vanzelf bij trekt. Zorg dus dat je in die eerste weken ergens bij aanhaakt, in plaats van te wachten tot je je vanzelf thuis voelt.
Ben jij klaar om te beginnen?
De start van je studie Psychologie aan de UvA is een spannende periode. Je maakt kennis met nieuwe vakken, ontdekt hoe universitair onderwijs werkt en ontwikkelt vaardigheden als kritisch denken, wetenschappelijk schrijven en onderzoek doen.
Tijdens de introductieweek leer je de universiteit, de stad en de verenigingen kennen. Voor veel studenten is dat het moment waarop de eerste vriendschappen ontstaan. Wil je nu al mensen van je opleiding leren kennen? Meld je dan aan voor de officiële Mindbooks WhatsAppgroep. En zorg dat je je materiaal op orde hebt voordat blok 1 begint, want zestien weken Introductory Psychology komen sneller dan je denkt. Bekijk de eerstejaarsdeals voor Psychologie in Amsterdam.
Veelgestelde vragen
Hoeveel studiepunten heb ik nodig voor mijn BSA aan de UvA?
Minimaal 48 van de 60, behaald met eerstejaarsvakken. Dat is strenger dan de 45 die op de meeste Nederlandse universiteiten geldt.
Is de opleiding Nederlandstalig of Engelstalig?
De hoorcolleges, het studiemateriaal en de tentamens zijn voor iedereen in het Engels. Alleen de werkgroepen en practica volg je naar keuze in het Nederlands of in het Engels.
Hoeveel plekken zijn er en wanneer moet ik me aanmelden?
Er zijn 600 plaatsen: 270 met Nederlandstalige werkgroepen en 330 met Engelstalige. Aanmelden kan via Studielink tot en met 15 januari, daarna volgt de selectie.
Hoeveel uur per week ben ik kwijt aan mijn studie?
Ongeveer twaalf uur onderwijs en dertig uur zelfstudie. Je werkgroepen zijn twee keer per week twee uur, in groepen van ongeveer vijftien studenten.
Moet ik goed zijn in wiskunde?
Je hoeft geen wiskundeknobbel te hebben, maar je krijgt vanaf blok 1 statistiek. Met wiskunde A red je het volgens de UvA meestal prima.

